Verslag rechtszaak 7 april 2026 tegen de Staat - Discriminatie op inkomen, vrijheid van journalistiek en openbaarheid van rechtspraak
Op 7 april 2026 om 09.00 uur dient in Den Haag de hervatting van de rechtzaak die in september 2025 werd aangespannen door de Vereniging van vrije journalisten, Djamila le Pair en mijzelf Rico Brouwer. We worden bijgestaan door advocaten: Meike Terhorst en Willem de Boer. Gedaagden zijn de Staat, waaronder de Raad voor de Rechtspraak en de gerechten. Markus Kamphuis van MKFOTOGRAFIE maakte van de zitting deze reportage.
Dit is een hervatting van de zitting die op 5 maart direct na aanvang werd onderbroken omdat één van de rechters vroeg zich te mogen verschonen vanwege mogelijke belangenconflicten.
Zitting van 5 maart terugzien op het kanaal van MKFOTOGRAFIE: samen met een gesprek na afloop tussen de eisende partij
verslag op Potkaars van 5 maart https://potkaars.nl/blog/2026/2/16/discriminatie-op-inkomen-vrijheid-van-journalistiek-en-openbaarheid-van-rechtspraak-rechtszaak-5-maart
Op 9 maart wees de verschoningskamer het verzoek van de rechter toe.
Inzet van deze zaak; het accreditatiebeleid van de rechtspraak voor journalisten zoals dat is gewijzigd op 1 juni 2025.
Verslag van de zitting met genoemde stukken en bronnen
Het gaat in deze procedure om de vorige persrichtlijn uit 2013 (productie 2) en de huidige uit 2025 (productie 1). Je kunt beiden hier teruglezen. Sander Compagner, voorzitter en oprichter van de Vereniging van Vrije Journalisten en uitgever van de Andere Krant, vertelde in september 2025 in Potkaars over de aanvang van deze juridische procedure tegen de Staat. Terugzien. Compagner schreef namens de VVJ aan de RvdR in maart 2025. Zijn brief en de reactie van de RvdR zijn als onderdeel van een woo procedure gepubliceerd en kan je hier teruglezen.
Tijdens de zitting op 7 april 2026 werd gerefereerd aan een brief van journalist Janneke Monshouwer aan de secretaris van de NVJ Thomas Brüning, waarin Monshouwer hem vraagt of er niet een uitzondering te maken is voor mij met betrekking tot een NVJ perskaart. Je kunt het antwoord van de NVJ hier teruglezen, samen met een open brief die ik vorig jaar aan alle media stuurde.
De voorzittend rechter vroeg mij wanneer ik de NVJ had benaderd om een politieperskaart. Dat was in 2021, de correspondentie tussen mij en NVJ uit 2021 kan je hier teruglezen.
Ook werd tijdens de zitting gerefereerd aan een recent voorval tijdens het strafproces in hoger beroep van Tweede Kamerlid Pepijn van Houwelingen, waarin de voorzittend rechter en Pepijn expliciet toestemming gaven om van Houwelingen in beeld op te nemen, maar aansluitend tijdens de zitting en zonder de rechter daarin te kennen, persvoorlichting willens en wetens volhardde in het verbieden daarvan. Terugzien.
Productie 26 waarover werd gesproken is een brief van de Wetenschappelijke Commissie van de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak. Die brief kan je hier online teruglezen en staat volledigheidshalve ook op Potkaars, mocht deze van de oorspronkelijke vindplaats verdwijnen.
De Staat refereerde aan een collectief van rechtbankverslaggevers. Dat blijkt niet te bestaan onder die naam of is geheim. Ook het evaluatierapport waaraan op de zitting door de Staat werd gerefereerd is kennelijk geheim. Het rapport van Haagse Beek (productie 12) is door de Rechtspraak van internet verwijderd (dit was de link), maar wel zichtbaar als opbrengst van een woo procedure, andere woo besluiten kan je hier terugvinden). Op Potkaars kan je het hier teruglezen. Het evaluatierapport van de nog oudere persrichtlijn 2008 staat hier nog wel op Rechtspraak online.
Ik vertelde tijdens de zitting over een klachtprocedure en kort geding dat ik heb geprobeerd aan te spannen in 2024 over een rechterlijke uitspraak die mij verbood een regiezitting te filmen. Uit die procedure bleek dat je als journalist helemaal niet in beroep kunt tegen een besluit van een rechter op je persverzoek (de landsadvocaat deed op 7 april voorkomen alsof dat wel zou kunnen). Hoe mijn procedure in die tijd ging kun je hier en hier terugzien, een verslag van mijn ingetrokken kort geding staat hier, de dagvaarding uit die tijd staat hier.
De zitting op 7 april 2026 startte rond 9am ‘s ochtends en duurde ruim drie uur. De Andere Krant schreef er over in haar editie van 11 april. De zitting is in zijn geheel gefilmd door Markus Kamphuis van MKFOTOGRAFIE. Hij heeft op 16 april deze samenvatting van ruim een uur gepubliceerd.
Uitspraak op 13 mei.